Bar is de eenheid waarin in de pneumatiek vrijwel alles wordt uitgedrukt: de werkdruk, de maximale druk van een component en de instelling van een regelaar. Een bar ligt heel dicht bij de luchtdruk om u heen, en daardoor is het een handig, intuïtief getal. Een industrieel persluchtnet werkt doorgaans op 6 tot 8 bar.
Een bar is een eenheid van druk, gelijk aan 100.000 pascal, oftewel 100 kilopascal. Dat komt bijna overeen met de gemiddelde luchtdruk op zeeniveau. Druk is kracht per oppervlak: 1 bar levert ongeveer 10 newton kracht per cm² op. Die vuistregel maakt het rekenen eenvoudig, bijvoorbeeld bij het bepalen van de cilinderkracht.
Dit onderscheid zorgt regelmatig voor verwarring. Een manometer op uw installatie toont de overdruk: de druk boven de heersende luchtdruk. Staat de meter op 6 bar, dan is de absolute druk ongeveer 7 bar, want de luchtdruk van ongeveer 1 bar telt erbij op. Voor het berekenen van luchtverbruik en compressieverhouding rekent u met de absolute druk; voor het instellen van een werkdruk leest u de overdruk af.
| Begrip | Betekenis |
|---|---|
| Overdruk | Druk boven de luchtdruk, wat de manometer aanwijst |
| Absolute druk | Overdruk plus de luchtdruk van ongeveer 1 bar |
| 1 bar is gelijk aan | Eenheid |
|---|---|
| 100 | kilopascal (kPa) |
| 0,1 | megapascal (MPa) |
| 14,5 | psi (pound per square inch) |
| ongeveer 1,02 | kilogram-kracht per cm² |
De druk bepaalt de kracht die een component kan leveren. Bij een cilinder is de kracht recht evenredig met de werkdruk: dezelfde cilinder levert bij 8 bar meer kracht dan bij 6 bar. De druk bepaalt ook welke drukklasse componenten moeten hebben. Een stabiele druk via een goede drukregelaar houdt de prestaties voorspelbaar.
Een eenheid van druk, gelijk aan 100 kilopascal. Dat komt bijna overeen met de luchtdruk op zeeniveau en betekent ongeveer 10 newton kracht per vierkante centimeter.
Ongeveer 14,5 psi. Een werkdruk van 6 bar komt dus overeen met ongeveer 87 psi.
Overdruk is de druk boven de luchtdruk, wat de manometer toont. Absolute druk is de overdruk plus de luchtdruk van ongeveer 1 bar.
Een typisch werknet staat op 6 tot 8 bar. Per machine stelt een drukregelaar de benodigde werkdruk in, vaak lager.
Omdat de kracht van een component recht evenredig is met de druk. Een hogere druk geeft meer kracht, maar kost ook meer lucht.